Berlijn is niet alleen hip, maar ook kindvriendelijk

Berlijn is niet alleen hip, maar ook kindvriendelijk

We kennen Berlijn vooral als een hippe stad met leuke eethuisjes en bars, toffe boetiekjes en interessante musea. Ideaal voor een citytrip dus. En eentje waar je de kinderen mee naartoe kan nemen. Want Berlijn weet tegelijk een bruisende plek en een kindvriendelijke stad te zijn. En wel om de volgende redenen.

 

Prenzlauer Berg: dens, hip en kindvriendelijk

Prenzlauer Berg in het voormalige Oost-Berlijn is een van de meest dense buurten van de stad. Ten tijde van de val van de Berlijnse muur was het nog een vervallen en slecht onderhouden wijk. Een walhalla voor kunstenaars en studenten omdat de prijzen hier laag waren, maar de locatie toch erg centraal. De wijk was echter geen plek om kinderen op te laten groeien: het ontbrak er aan groenruimte en speelmogelijkheden.

Het contrast met vandaag kan niet groter zijn. Prenzlauer Berg is ondertussen een van de leukste stadsdelen van Berlijn met zelfs het hoogste geboortecijfer in de stad. Het is nog altijd een bruisende plek met leuke boetiekjes en hippe cafés. Maar de wijk biedt nu ook ruimte voor kinderen.

En dat was precies de bedoeling van het stadsbestuur. Met de slogan ‘deze stad is er ook voor kinderen’ ging het stadsontwikkelingsbedrijf S.T.E.R.N. met de opdracht aan de slag om de schaarse publieke ruimte kindvriendelijk in te vullen. S.T.E.R.N. deed dat in cocreatie met de bewoners van de wijk. Ze werden niet alleen betrokken bij het ontwerp en ontwikkeling van het project, maar werden ook ingeschakeld in het gebruik en onderhoud van de openbare ruimte. Het resultaat: een netwerk van 50 groenruimtes, speelpleinen en faciliteiten voor kinderen en jongeren.

Berlijn won in 2005 de Europese planningsprijs met het project ‘deze stad is er ook voor kinderen’.

 

Robinson Crusoe-speelterreinen: verboden voor ouders

Een van de speelplekken in Prenzlauer Berg is Kolle 37, een van de vele avonturenspeelterreinen (soms Robinson Crusoe-speelterreinen genoemd) in Berlijn. Een avonturenspeelterrein is een outdoor speelplek waar kinderen vrij kunnen experimenteren met het materiaal dat er ligt.

Kolle 37 is 4.000 m² groot en vult een stedelijke leegte die werd veroorzaakt door een bominslag. Het leuke aan zo een avonturenspeelterrein is dat het nooit af is. Kinderen kunnen er naar believen bouwen en ontmantelen en zo hun eigen speelplek ontwerpen. Ze kunnen hamers, nagels, zagen, bakstenen, hout en andere natuurlijke materialen gebruiken om hutten of toestellen te bouwen. De kinderen doen dit allemaal zelf onder begeleiding van een team van jonge pedagogen. Voor ouders is Kolle 37 verboden terrein. Enkel op zaterdag kunnen ze het werk van hun kinderen komen bewonderen.

Kolle 37 toont aan dat avontuurlijk spelen in de stad nog kan. Kinderen hebben er de nodige ruimte en tools om zich te ontplooien en hun verbeelding te gebruiken. Ze leren er beslissingen te nemen en hun eigen wereld te creëren. Of de stad van morgen.

 

Groene scholen

Groene school - Berlijn

Groene school – Berlijn

Niet alleen de openbare ruimte is kindvriendelijk en groener geworden. Sinds 1983 kregen meer dan 500 scholen in Berlijn een groene facelift. Dat is dankzij de organisatie ‘Grün macht Schule’ die scholen adviseert en ondersteunt bij het ontwerpen van speelplaatsen. Ze doen dat steeds in cocreatie met de leerlingen en hun ouders. Populair is de wilde tuin met robuuste wilgen, netels en onkruid waar ook dieren zich graag nestelen. Vaak wordt ook regenwater herbenut, want kinderen blijken dol te zijn op waterpompen. Regen belet hen helemaal niet om buiten te spelen.

 

Duurzame mobiliteit

70% van de verplaatsingen in Berlijn gebeurt met het openbaar vervoer, met de fiets of te voet. Als dense stad, heeft Berlijn al lang een sterk uitgebouwd openbaar vervoer. De voorbije jaren investeerde het stadsbestuur ook in infrastructuur voor fietsers. Berlijn telt ondertussen meer dan 1.000 km aan fietspaden, waarvan 662 km gescheiden van de rijweg. Door een uitbreiding van de zone 30, is ook elders in de stad fietsen veiliger geworden. Met resultaat: in 2012 verplaatsen de Berlijners zich 40% meer met de fiets dan in 2004.

Maken we samen de stad?

Andere artikels

Een ondernemershub in het hart van Oudenaarde

De oude, vervallen textielfabriek Saffre-frères in centrum Oudenaarde wordt de komende jaren een nieuwe groene en autoluwe woonwijk voor jong en oud. Het stadsbestuur en projectontwikkelaar Revive willen in de centrale hal van de fabriek ook plaats voor...

Lees meer

De Toekomst van Zeebrugge

De Stad Brugge liet een conceptstudie uitvoeren over de revitalisering van haar deelgemeente Zeebrugge. Het stadsbestuur gaat nu aan de slag met de aanbevelingen ervan. Cruciaal daarbij is het betrekken en engageren van Zeebruggenaren. Urban...

Lees meer
Bologna kiest voor cocreatie als hoeksteen van stedelijke ontwikkeling

Bologna kiest voor cocreatie als hoeksteen van stedelijke ontwikkeling

De Italiaanse stad Bologna nam in 2014 een gemeenteraadsbesluit aan dat cocreatie tussen overheid en burgers wettelijk vastlegde. Deze institutionele vernieuwing zorgt ervoor dat bestuur en inwoners de ontwikkeling van de stad zien als een gemeenschappelijk goed. Dit gaat veel verder dan inspraak in het beleid. De inwoners van de stad kunnen nu wettelijk mee de stad maken én beheren.

Rewind naar 2011. Enkele dames wilden zitbanken plaatsen in het parkje Piazza Carducci. Ze vroegen het stadsbestuur de toestemming om dat te doen. Bezoekers van het parkje hadden nu eenmaal geen plek om te zitten. Hoe simpel de vraag van deze dames ook was, geen enkele stadsdienst kon die toestemming verlenen. Meer zelfs: het was illegaal om zelf bij te dragen aan de invulling of verfraaiing van de openbare ruimte.

Actief burgerschap 2.0

Met het gemeentebesluit en stadsbeleid rond de ‘beni communi’ (het gemeenschappelijk goed) is de situatie nu drastisch anders. ‘We zijn geëvolueerd van een situatie van ‘dit kan niet’ naar ‘yes, we can together’’ vertelt Luca Rizzo Nervo, schepen van sociale innovatie. Burgers kunnen nu actief participeren. Er is een fundamenteel nieuwe relatie ontstaan tussen stadsbestuur en burgers. De stad neemt daarin een ondersteunende rol op. ‘Bologna wordt een stad aangedreven door sharing en samenwerking’, aldus de schepen. Sinds de start van het beleid rond de ‘beni communi’ zijn al meer dan 200 projecten met en door burgers opgestart.

Bologna is samenwerken

De non-profitorganisatie ‘Advocaten aan het Werk’ is een vrijwilligersorganisatie die een van die projecten heeft opgestart. Ze namen het op zich om een met graffiti besmeurde historische site op te knappen. Het werd een mooi voorbeeld van samenwerking tussen burgers, organisaties en overheid. De stad en de eigenaar van het gebouw zorgden voor de verf, werktenues en ander materiaal. Buren pikten via sociale media op dat dit initiatief aan de gang was. Velen van hen gingen een handje toesteken. Dit spontane initiatief vertolkt perfect de baseline van de stad: ‘Bologna è collaborare’, ‘Bologna is samenwerken’.

Nieuwe vorm van democratie en stadsmaken

Dergelijke initiatieven illustreren hoe de idee van de ‘beni comuni’ een heel nieuwe kijk op de samenleving is. We zijn gewend om een grens te zien tussen privé en gemeenschap. ‘De huidige manier van samenleven is gebaseerd op twee pijlers’, vertelt professor Christian Iaione, coordinator van het Laboratory for the Governance of Commons (LabGov) en inspirator van de idee van ‘beni comuni’. ‘Privé proberen we via bv. werken zoveel mogelijk middelen te genereren om te kunnen leven, ons te verplaatsen, … en onze sociale status te verhogen. Daarnaast besteden we het beheer van de gemeenschap uit aan politici en bestuurders’.

Bologna

Bologna

De ‘beni comuni’ wist die scheidingslijn uit. Burgers zijn tegelijk gebruikers en producenten. Ze kunnen zelf bv. energie produceren en met de opbrengsten betalen voor andere goederen of diensten. ‘In Italië komt het voor dat ouderen samen investeren in zonnepanelen en met de opbrengsten collectief een verpleegster inschakelen om hen te verzorgen. Zo hoeven ze niet naar een ouderentehuis’, aldus Iaione. Andere voorbeelden zijn ouders die zelf kinderopvang of crèches organiseren, buurten die zwerfvuil in de wijk aanpakken of de oprichting van stadslandbouwcoöperaties.

Een nieuwe overheid: faciliteren en nudging

Deze nieuwe manier van samenwerken tussen burger en overheid, vraagt ook een andere opstelling van het stadsbestuur.  ‘Wat we nodig hebben is een nieuwe overheidscultuur en het plukken van de vruchten van sociale initiatieven’, aldus burgemeester Virginio Merola, ‘en dat vraagt tijd en engagement. We moeten weg van bureaucratisch formalisme en eerder de kracht van informele processen en persoonlijke relaties benutten’.

Om te komen tot een ‘samenwerkende stad’ moeten burgers, overheid, ondernemers, scholen en andere stadsmakers leren om in vertrouwen engagementen voor de lange termijn te nemen. Volgens burgemeester Merola zal ‘elke stad zelf moeten experimenteren en leren hoe het binnen deze nieuwe cultuur co-creatie kan doen werken’. Bologna kiest voor faciliteren (onder andere door een realtime kaart van de stad ter beschikking te stellen waarop alle initiatieven zijn te volgen), nudging en het opleiden van stadsmedewerkers over hun nieuwe rol. Op die manier wil het stadsbestuur zijn burgers in staat stellen om de stad mee te beheren. En dat is waar burgemeester Merola naar toe wil: ‘hoe minder de centrale administratie dingen opneemt, hoe meer de dingen werken’.

Dit artikel verscheen voor het eerst op de website van MO*-magazine.

Pin It on Pinterest